Het introduceren van nieuwe Vachtjes. Hoe doen wij dat? Die vraag krijgen we wel vaker voorgeschoteld en ik blijf het moeilijk vinden om daar een simpel antwoord op te geven. Voor mij komt namelijk veel aan op gevoel. Ik hanteer dus geen vast riedeltje om nieuwe katten te introduceren.

Wel kan ik zeggen dat ik over het algemeen geen voorstander ben van die hele voorzichtige aanpak waar de dieren eerst dagen in afzonderlijke ruimtes worden gehouden, waarna ze door een kiertje mogen snuffelen en men zo mini stapje voor mini stapje verder gaat. Waarom niet?
Omdat ik denk dat katten wel slimmer zijn dan dat!!
Ze weten perfect dat er zich achter die deur een vreemde kat bevind en zeg nou zelf, hoe zou jij het vinden als je weet dat er iemand in je huis is, maar deze persoon niet kunt zien?
Daar zou je toch helemaal de kriebels van krijgen? Brrr!!

Dan zijn er nog een aantal zaken waar ik rekening mee hou en ook deze zijn eigenlijk heel logisch als je het vanuit een ander standpunt bekijkt. Iets wat ik vaak merk is dat de nieuwe (of oude) baasjes allerlei verwachtingen hebben en er vaak met hun neus bovenop zitten. Liefst willen zij direct vriendjes zijn en alle aandacht krijgen. Zo werkt het bij de meeste katten echter niet!
Een kat die in een nieuwe omgeving terecht komt heeft al zijn energie en concentratie nodig om dit allemaal in zich op te nemen en te verwerken. Hij is op en top alert voor eventuele gevaren. Bemoeizucht van mensen en gefriemel aan zijn gespannen lijf wordt dan ook meestal niet in dank afgenomen!
Bedenk dat je, als nieuw baasje, nog jaaaaaaren van je nieuwe huisgenootje kunt genieten en geef hem die eerste dag, dagen of weken dan ook de ruimte om zichzelf te ontwikkelen in zijn nieuwe omgeving.

Als wij een nieuw Vachtje verwachten dan laat ik deze bij binnenkomst meestal een half uurtje, in zijn vertrouwde vervoersbox, in de gang staan. Daar krijgt hij dan al de kans om de eerste indrukken, geluiden en geuren op te doen zonder dat hij daarbij teveel gestoord wordt door pottenkijkers. Daarnaast geeft dat ook de honden de kans om tot rust te komen en verder te gaan met hun dagelijkse bezigheden.

Zodra de rust is terug gekeerd ga ik op mijn gemak een kijkje nemen bij de kat en dan bedenk ik me ter plaatse waar ik hem het beste kan laten starten.
Reageert hij nieuwsgierig? Oogt hij ontspannen? Of kruipt hij zo ver mogelijk weg in zijn hokje? Misschien blaast hij zelfs naar mij? De eerste indruk die ik krijg bepaald deels hoe ik verder te werk ga.

(Natuurlijk moet ik hier ook rekening houden met eventuele ziektes en met de verzorging die het Vachtjes nodig heeft, maar laten we er even vanuit gaan dat de kat in kwestie geen ziektes bij zich draagt of speciale verzorging nodig heeft.)

Meestal kies ik ervoor om ze vanuit een rustige of aparte ruimte te laten ‘starten’. Deze keuze maak ik echter voor de nieuwkomer en niet voor de groep. De groep heeft prima door dat er een nieuwkomer in huis is en mag deze ook gerust zien en ruiken. De nieuwkomer gun ik daarentegen graag nog even wat rust. Zeker als ze geen andere katten of honden gewend zijn, kunnen al die nieuwsgierige en opdringerige Vachtjes net iets teveel van het goede zijn!

Ik kies dan vaak voor de Dutjes Dome of de badkamer. Ik zet de vervoersbox in de ruimte en maak het deurtje open waarna ik mezelf weer terug trek. Zo nu en dan gluur ik even of hij zijn box al verlaten heeft. Ook dit proces zegt veel over de kat.
Loopt hij direct de ruimte binnen om deze te onderzoeken? Blijft hij een uur in de box schuilen?
Hoe reageert hij op mij als ik de ruimte binnenkom?

Ik observeer.
De nieuwkomer beslist het tempo.

De meeste katten geven zelf duidelijk aan wanneer ze klaar zijn voor de volgende stap!
Sommige katten staan binnen 5 minuten al aan het hekje of de deur te loeren en/of miauwen waarmee ze aangeven dat ze verder op onderzoek willen. Andere tonen geen enkele interesse in hun omgeving en hebben meer tijd nodig. Een nieuwsgierige of ontspannen houding, dat is wat ik graag wil zien voor we verder gaan en door niets te forceren is dat punt meestal binnen een dag al bereikt.

Een nieuwe kat die een nieuw territorium met bestaande groep binnen wandelt, zal zich niet snel dominant op gaan stellen. Ik hoef me dus over het algemeen geen zorgen te maken over gevechten, maar ik wil wel dat de eerste ontmoetingen positief verlopen! Vachtjes waarvan ik weet dat ze wat dominant uit de hoek kunnen komen (of juist iets té nieuwsgierig zijn) hou ik een beetje op afstand zonder ze daarbij echt weg te zetten.
Verder laat ik gewoon gebeuren wat er gebeurd. Zodra ik van een afstandje de eerste ontmoeting heb bekeken en deze goed is verlopen, ga ik meestal weer verder met hetgeen ik bezig was.

Soms hoor ik eens wat geblaas, soms wordt er een waarschuwende pets uitgedeeld, maar over het algemeen gaat het er altijd gemoedelijk aan toe.
Meestal ontstaan de ‘problemen’ pas enkele weken later, als de nieuwkomer zo nieuw niet meer is, zijn ware karaktertje naar boven komt en hij zijn plekje in de groep probeert te vinden.
Zoekende waar hij geaccepteerd wordt kruist hij telkens de ‘onzichtbare’ grenzen van de verschillende territoriums, waardoor er wel eens kleine confrontaties ontstaan.
Ook dan probeer ik me er zo min mogelijk mee te bemoeien (mits beide partijen in staat zijn om zich te verdedigen). Het is niet meer dan normaal dat ze elkaar moeten leren kennen en dat duurt alleen maar langer als ik telkens in de weg ga staan!

Sommige persoonlijkheden zullen gewoon botsen, net zoals ook wij als mens niet met iedereen even goed door een deur kunnen! Met een beetje geduld en tijd vinden de katten meestal zelf wel een manier om tot vrede te komen. Zo niet, dan hebben we dus de verschillende afdelingen om naar uit te wijken.

Ondanks dat katten normaal gezien solitaire jagers zijn, merk ik dat samen met ze spelen ze leert om met respect met elkaar om te gaan. Dit spelen doe ik met behulp van een zogenaamde teaser, een korte speelhengel met een buigbaar uiteinde. Met deze hengel heb ik de controle in handen en bepaal ik wie, wanneer mag spelen. Zo krijgen ieder Vachtjes de kans om even jacht te maken op de hengel, waarna de volgende aan de beurt is. Een te opdringerig Vachtje krijgt dan al snel een mep van de ander en leert op die manier om geduld op te brengen, te delen en rekening te houden met de persoonlijke bubbel van zijn mede Vachtjes.

De afgelopen maanden hebben we behoorlijk wat nieuwe Vachtjes binnengekregen, waarmee we eigenlijk een beetje tegen onze eigen ‘regels’ in zijn gegaan. Normaal gezien proberen we er voor te zorgen dat er minimaal een maand tussen de verschillende nieuwkomers zit.
Op deze manier heeft de groep telkens de tijd om zich opnieuw te vormen en te settelen en daarnaast geeft het mij ook de tijd om mijn eigen dagritme aan te passen aan de extra verzorging.
Het is van te voren namelijk moeilijk te voorspellen hoeveel zorgen een nieuw Vachtjes met zich meebrengt en zonder die kennis is het ook moeilijk om te bepalen of ik nog meer extra zorgen kan dragen. Normaal gezien is het de bedoeling dat de Vachtjes hier tot het einde blijven (behalve als blijkt dat we voor het welzijn van het Vachtje over moeten gaan tot plaatsing). Anders dan bij de normale zwerfkattenorganisaties moet ik mij dus telkens goed bedenken of ik die zorgen ook een heel kattenleven lang kan dragen!

************************************************************************
Daarmee is direct een andere, veel gestelde vraag beantwoord; ‘Waar ligt onze grens?’
Dat bekijken we dus Vachtje per Vachtje! 🙂
Een jaar geleden dacht ik bv al aan mijn limiet van verlamde Vachtjes te zitten, maar inmiddels hebben we dit limiet al met het dubbele overschreden!
Dit is mogelijk geworden doordat ik;
– Meer ervaring, dus meer handigheid heb gekregen
– Meer vrijwilligers toe durf te laten
– Continue bezig ben om de inrichting te optimaliseren (denk aan: de i-Care, wasmachine/droger met grotere capaciteit, praktische en overzichtelijke indeling, verbouwingen en aanpassingen om een makkelijker schoon te maken omgeving te creëren) enz
************************************************************************

Maar ik ben af aan het dwalen! Terug naar het verhaal! 😉

De afgelopen tijd zijn er dus meer Vachtjes binnengedruppeld dan de regel.
Het blijft natuurlijk ook een beetje lastig plannen hé? 😉
Soms komt er gewoon een Vachtje op ons pad dat we niet kunnen weigeren of op de wachtlijst kunnen plaatsen. Nood breekt wet en helaas blijkt er erg veel nood aan een opvang zoals de onze…

Ook nu staan er alweer de nodige verlamde Vachtjes op de wachtlijst…
Maar of we deze er ook nog bij kunnen nemen gaan we toch echt pas beslissen als Tyra en Tiger zijn gearriveerd en de rust in de groep weer is wedergekeerd.
Het is namelijk toch wel te merken dat er zoveel ‘verse Vachtjes’ ronddrentelen, want er zijn meer akkefietjes dan gewoonlijk.. Waarschijnlijk heeft het er ook wel mee te maken dat er samen met die nieuwe Vachtjes ook de nodige hormoontjes zijn binnengekomen. Zowel Knakker als Krijgertjes waren namelijk nog niet gecastreerd en Jommeke’s castratie was ook nog vrij vers van de pers.
Gelukkig beginnen de hormoontjes inmiddels al af te nemen en gaat het weer ook weer de goede kant op. Het zonnetje doet ook voor het humeur van de Vachtjes wonderen!

Toch ontstaan er ook al voorzichtige nieuwe vriendschappen. Ik vind het altijd opvallend dat vooral jaargenootjes naar elkaar toetrekken, maar zelfs ‘rivalen’ zien we zo nu en dan gezellig bij elkaar op een kussen liggen!

Om als laatste nog even het verschil tussen je-weet-wel-katers en poezen onder de loep te leggen;
Ik merk hier dat het meestal de katers onderling zijn, die de meeste stampei maken en moeite hebben om meningsverschillen bij te leggen. De poesjes zijn eerder wat snel op hun teentjes getrapt en lijken een grotere persoonlijke bubbel te hebben. Ze verkopen dus eerder een pets als een ander Vachtje naar hun idee te dichtbij komt, maar zullen minder snel een blijvende wrok koesteren.

(Goh, ligt het aan mij, of lijkt dat bij mensen juist eerder andersom? :-p  )

Ik gooi er als afsluiter nog even een PSje achteraan:
Ik ben geen gedragsdeskundige! Wat ik schrijf is puur berust op mijn eigen ervaring en observatie en druist misschien wel compleet in tegen wat de boeken zeggen of deskundige beweren! Een andere groep katten steekt misschien wel weer volledig anders in elkaar.
Als ik iets heb geleerd van onze groep katten is het wel dat ze allemaal hun eigen persoonlijkheid hebben en deze is dan ook nog eens zeer afhankelijk van allerlei subtiele factoren. Hierdoor kan een kat in een andere omgeving plots een hele andere persoonlijkheid tonen!

Foto’s: Ontluikende vriendschappen en eerste ontmoetingen